Een pleidooi voor een substantiële metafysica

Een pleidooi voor een substantiële metafysica
15 okt
2015

Onlangs besprak Alexander van Biezen op dit forum het boek Every Thing Must Go van J. Ladyman en D. Ross. Zoals Van Biezen terecht opmerkt is een kernthese uit dit boek de claim dat metafysica zich alléén nog maar mag bezighouden met het samenvoegen van de resultaten van de positieve vakwetenschappen, zonder daarbij zelfstandig inzichten over de aard van de werkelijkheid in te brengen.

Metafysica moet volgens beide heren dus gereduceerd worden tot dienstmaagd van de vakwetenschappen. Een eigenstandige substantiële metafysica heeft voor hen afgedaan. In zijn opiniebijdrage geeft Van Biezen niet aan of hij het hiermee eens is.

Zelf meen ik dat de stelling van Ladyman en Ross onhoudbaar is. Dit zal ik onderbouwen door te laten zien dat ook in onze tijd een vruchtbare substantiële metafysica nog altijd mogelijk en zelfs springlevend is, zodat de rationale ontbreekt om mee te gaan in de gedachte dat alléén de positieve vakwetenschappen ons inzicht geven in de algemene werking en structuur van de wereld. Ook de metafysica draagt hieraan bij.

Perspectief

Maar hoe ziet zo’n substantiële metafysica er dan uit? Iedere empirische vakwetenschap bestudeert een bepaald deelgebied van de werkelijkheid. De metafysica daarentegen kiest als haar onderwerp het zijnsgeheel als zodanig. Ze overstijgt de grenzen van ieder afzonderlijk vakgebied en beoogt zo een beschrijving te geven van het zijn in haar geheel. Zo biedt ze ons een veel ruimer perspectief.

Hiertoe stelt de metafysica fundamentele vragen die betekenisvol zijn, maar buiten het bereik van iedere afzonderlijke vakwetenschap vallen, zoals de vraag waarom er überhaupt iets is, of getallen bestaan, wat identiteit en verschil is, wat ‘zijn’ betekent en of onze kennis betrekking heeft op een objectieve werkelijkheid die onafhankelijk van ons bestaat, of gaat over de wereld zoals deze door ons ervaren en gedacht wordt.

Natuur

Zoals L. A. Paul in zijn artikel Metaphysics as modeling: the handmaiden’s tale uit 2012 laat zien, kan metafysische theorievorming zich eveneens vruchtbaar richten op het achterhalen en verhelderen van de meest algemene ontologische categorieën van de wereld en hun onderlinge relaties. Zo onderzoekt zij de natuur van wetten, kansen, modaliteit, causaliteit, persistentie, objecten en eigenschappen. En dit is voor een goed begrip van de werkelijkheid in haar geheel van groot belang.

Cognitief vermogen

De metafysica gaat hierbij steeds uit van een inclusief begrip van rationaliteit, waarbij naast de empirische methoden van de vakwetenschappen ook conceptuele analyse, a priori intuïties, en fenomenologische reflecties worden ingezet. En dit is gerechtvaardigd. Precies omdat géén enkel menselijk cognitief vermogen onfeilbaar is, is het verstandig om ons niet tot één of slechts enkele vermogens te beperken. We dienen de beschikbare vermogens met elkaar te blijven confronteren.

A priori intuïties

Om te komen tot een overkoepelende visie op het zijnsgeheel combineert de metafysica dan ook empirisch vakwetenschappelijke met strikt metafysische inzichten. Dit levert een evenwicht tussen beide op, waarbij de resultaten van de empirische vakwetenschappen gebruikt kunnen worden om a priori intuïties te corrigeren, en omgekeerd eveneens a priori intuïties ingezet kunnen worden om vakwetenschappelijke kennis te interpreteren. Op deze wijze voegt de hier geschetste substantiële metafysica dus echt iets toe aan onze begripsvorming van de wereld.

Zo is het interpreteren van de wiskundige formules van de kwantummechanica niet louter een taak voor de fysica. A priori intuïties over toeval, causaliteit en bewustzijn spelen eveneens een rol bij het kiezen voor een deterministische of indeterministische interpretatie, of een met of zonder bewuste waarnemers.

Epistemische deugden

Het gaat dus om een vruchtbare wisselwerking tussen de empirische vakwetenschappen en de metafysica, waarbij elk haar eigen karakter en verantwoordelijkheid behoudt. Nu leidt metafysische reflectie tot meerdere mogelijke allesomvattende theorieën. Om tot een rationele afweging tussen deze metafysische theorieën te komen wordt daarom meestal nagegaan welke theorie het beste voldoet aan bepaalde epistemische deugden.

Zo dient een metafysische visie op het zijnsgeheel zo eenvoudig mogelijk te zijn, niet ad hoc te zijn, een vergaande mate van consistentie en coherentie te vertonen, niet te conflicteren met de empirische vakwetenschappen en te beschikken over een breed holistisch verklaringsbereik waarbij niet alleen de oorsprong van de kosmos, het leven, bewustzijn en morele waarden, maar ook een groot aantal andere fenomenen op een eenduidige en samenhangende manier begrepen kunnen worden.

Het inzetten van genoemde epistemische deugden komt neer op het kiezen van de best mogelijke verklaring. A priori intuïties spelen hierbij een cruciale rol omdat het evalueren welke metafysische theorie het beste voldoet aan genoemde deugden onmogelijk alléén op empirische ervaring gebaseerd kan zijn.

Core

Aanvullend heeft A. Ney in zijn artikel Neo-positivist metaphysics uit 2012 laten zien dat a priori intuïties meer specifiek worden ingezet om bij het zoeken naar de best mogelijke verklaring die delen van een metafysische theorie te bepalen die niet al van vakwetenschappelijke inzichten afleesbaar zijn. Elke metafysische theorie heeft namelijk een core die wordt gevormd door wat de vakwetenschappen ons leren. A priori intuïties spelen zo dus een cruciale rol waar het gaat om het uitbreiden van de core tot een allesomvattend metafysisch model van de werkelijkheid. Zo levert de metafysica inzichten die onze partiële empirische vakwetenschappelijke theorieën niet leveren.

Wereldbeeld

Op de hierboven beschreven wijze is dus een metafysica mogelijk die in voortdurende dialoog met de empirische vakwetenschappen komt tot een overkoepelend, compleet en coherent wereldbeeld, en zo substantieel bijdraagt aan het komen tot inzicht in de algemene samenhang en structuur van de wereld. Er is dan ook geen enkele reden om mee te gaan in het sciëntisme van Ladyman en Ross, volgens welke er buiten de positieve vakwetenschappen geen enkel cognitief heil mogelijk zou zijn.

Deze bijdrage is grotendeels een ingekorte versie van mijn ANTW artikel Sciëntisme en Metafysica, dat beschikbaar is op mijn website en dat ik schreef voordat Van Biezen zijn opinie plaatste.

Beeld: denker van Rodin. Bron: Flickr, Steven Fettig.

Reacties mogelijk gemaakt door CComment

Uitgebreid zoeken

Categorie
Tag
Auteur
Tekst

Laatste reacties

  • Benedict Broere zei Naar deze reactie >>>
    Egbert -- 12-11-2019 01:37  --  Ik denk dat er een grote kans is dat we nog meer dan nu al het geval is, grote problemen gaan krijgen met... 12-11-2019 10:45
  • Lieven,

    Zou kunnen dat ik het verhaal in soortgelijke context al eens heb geplaatst,  ik kan het me niet meer zo herinneren.

    Voor wat het... 12-11-2019 07:13
  • @Benedict: De Islam is mondiaal gezien geen machtsfactor van betekenis, dat Iran zo'n grote mond tegen Amerika heeft heeft te maken met haar... 12-11-2019 01:37
  • Benedict Broere zei Naar deze reactie >>>

    Egbert  11-11-2019 21:24 --– Exmoslim Apostate Prophet: Het nauwgezet en zelf lezen van de Koran is waarschijnlijk de meest effectieve... 12-11-2019 00:03
  • Dankjewel Jac om het hier voor me op te nemen. Ik herken wat je schrijft en het is inderdaad zo dat ik gewoon eerlijk, kritisch en ook... 11-11-2019 22:26
  • Benedict Broere zei Naar deze reactie >>>
    Egbert  11-11-2019 21:24  --  Nou ja, ik denk dat het gevaar van de islam onderschat wordt, en dat dat ertoe zal leiden dat in heel de... 11-11-2019 21:52